Wet- en regelgeving
Van de Omgevingswet en het Bal tot ADR, CLP en de Eural: de juridische basis onder elke afgifte van gevaarlijk afval.
20 pagina's in dit onderdeel
Omgevingswet & Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)
De Omgevingswet bundelt het omgevingsrecht; het Bal bevat de rechtstreeks werkende regels voor milieubelastende activiteiten zoals de opslag van gevaarlijk afval.
Wet milieubeheer (Wm) en afvalstoffen
Hoofdstuk 10 van de Wet milieubeheer bevat de kern van het afvalstoffenrecht: de afvalhiërarchie, het mengverbod en de registratie- en meldplichten.
CSRD, circulaire economie & ketenverantwoordelijkheid
Onder de CSRD rapporteren ondernemingen via ESRS E5 over materiaalstromen, circulariteit en afval – inclusief gevaarlijk afval, verwerkingsroute en de verantwoordelijkheid in de hele keten.
CMP (Circulair Materialenplan) & LAP3
Sinds 30 december 2025 is het Landelijk Afvalbeheerplan 3 (LAP3) vervangen door het Circulair Materialenplan (CMP). Het CMP bepaalt onder meer de minimumstandaard voor afvalverwerking en neemt Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) en overige zorgstoffen expliciet mee in de transitie naar een circulaire economie.
LMA (Landelijk Meldpunt Afvalstoffen) & meldplicht
Het Landelijk Meldpunt Afvalstoffen (LMA) is het centrale informatiesysteem waarin ontvangers van bedrijfsafval en gevaarlijk afval elke ontvangst en afgifte elektronisch melden. De meldplicht maakt afvalstromen traceerbaar en is een belangrijk handhavingsinstrument voor de ILT.
Begeleidingsbrief (digitaal en papier)
Elk transport van gevaarlijk afval moet vergezeld gaan van een begeleidingsbrief. Dit document is het wettelijke bewijs dat het afval van een erkende ontdoener via een erkende vervoerder naar een erkende ontvanger gaat, met de juiste Euralcode, hoeveelheid en verwerkingsmethode.
VIHB-registratie
Vervoerders, Inzamelaars, Handelaars en Bemiddelaars van afvalstoffen moeten zijn opgenomen in de landelijke VIHB-lijst van de NIWO. Zonder geldige registratie mag een partij geen afval vervoeren, inzamelen of bemiddelen.
Afvalstroomnummer (ASN)
Het afvalstroomnummer (ASN) is een uniek, door het LMA toegekend nummer waarmee een ontvanger aangeeft een specifieke afvalstroom te mogen ontvangen. Zonder geldig ASN mag gevaarlijk afval niet aan die ontvanger worden afgegeven.
Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) in afval
Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) zijn stoffen met ernstige gevaren voor mens en milieu, zoals kankerverwekkende, voortplantingsschadelijke of sterk accumulerende stoffen. In afval beperken ZZS de mogelijkheden voor hergebruik en recycling.
Vernietigingsverklaring & bepaling van verwerkingsmethoden
Een vernietigingsverklaring is het bewijs dat gevaarlijk afval, merkgevoelige producten of vertrouwelijke stromen daadwerkelijk en onomkeerbaar zijn vernietigd. De keuze voor een verwerkingsmethode wordt vastgelegd in een R-code of D-code op de begeleidingsbrief.
ADR-wetgeving: vervoer van gevaarlijke goederen over de weg
Het ADR regelt het wegvervoer van gevaarlijke stoffen en gevaarlijk afval in Europa. Het bepaalt classificatie, verpakking, etikettering, documentatie en voertuigeisen.
ADR-vrijstellingen: 1000-puntenregel & LQ
Onder bepaalde hoeveelheden gelden verlichte ADR-regels: de 1000-puntenregel (ADR 1.1.3.6) en Gelimiteerde Hoeveelheden of Limited Quantities (LQ, ADR hoofdstuk 3.4). Deze regels maken het vervoer van kleine hoeveelheden gevaarlijke stoffen praktischer, mits u aan de voorwaarden voldoet.
CLP & GHS-verordening
CLP is de Europese verordening voor indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels. Het is de Europese uitvoering van het wereldwijde GHS-systeem van de VN. Voor gevaarlijk afval bepaalt CLP mede welke gevarenpictogrammen, H-zinnen en P-zinnen gelden en hoe die doorwerken naar de Euralcode en de HP-eigenschappen.
H- en P-zinnen
H-zinnen beschrijven het gevaar van een stof of mengsel, P-zinnen de bijbehorende voorzorgsmaatregelen. Samen vormen ze de taal van het veiligheidsinformatieblad en de basis voor de indeling van gevaarlijk afval.
Euralcodes (EURAL) & indelingssystematiek
De Eural is de Europese afvalstoffenlijst met zescijferige codes. Een asterisk (*) betekent: gevaarlijk afval. De ontdoener is wettelijk verantwoordelijk voor de juiste keuze; een ervaren inzamelaar kan hierbij ondersteunen.
PGS 15: opslag van verpakte gevaarlijke stoffen
PGS 15 is de Nederlandse publiekrechtelijke regeling voor de opslag van verpakte gevaarlijke stoffen, waaronder gevaarlijk afval. De regeling beschrijft welke maatregelen u moet nemen om brand, milieuschade en risico’s voor personen te beheersen.
PGS 37-2: opslag van lithium-houdende energiedragers
PGS 37-2 geeft voorschriften voor het veilig opslaan van lithium-ion batterijen, accu’s en andere lithium-houdende energiedragers. De regeling geldt voor nieuwe, gebruikte, afgedankte en beschadigde exemplaren.
Handhaving & inspectie door de ILT
De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) is de toezichthouder die controleert of bedrijven en overheden voldoen aan milieu- en transportregels. Voor gevaarlijk afval is de ILT een van de belangrijkste handhavingsorganisaties in Nederland.
Veiligheidsinformatiebladen (VIB/SDS) & afval
Het veiligheidsinformatieblad is het startpunt voor classificatie: rubriek 13 gaat specifiek over verwijdering, rubriek 14 over transport.
REACH & Zeer Zorgwekkende Stoffen (SVHC) in afval
Afval valt buiten REACH, maar zodra een materiaal de einde-afvalstatus bereikt gelden de REACH-verplichtingen weer volledig.