LAP3 is verouderd: het CMP is het nieuwe kader
Het Landelijk Afvalbeheerplan 3 (LAP3) geldt niet meer. Op 30 december 2025 is het Circulair Materialenplan (CMP) in werking getreden als opvolger. Vanaf dat datum moeten bevoegde gezagen het CMP meenemen bij besluiten over omgevingsvergunningen, omgevingsplannen en afvalverwerking.
Voor bedrijven betekent dit dat vergunningen en beschikkingen kunnen worden aangepast naar het nieuwe toetsingskader. Bestaande vergunningen blijven voorlopig geldig, maar bij wijziging, verlenging of herziening wordt het CMP leidend.
Van LAP3 naar CMP: wat verandert er?
Het CMP bevat alle onderwerpen die ook in LAP3 stonden, maar zet een duidelijke stap richting circulariteit. Waar LAP3 vooral gericht was op afvalbeheer en verantwoorde verwijdering, richt het CMP zich op materiaalgebruik, hoogwaardige verwerking en het behoud van grondstoffen.
Sectorplannen en afvalstroombeschrijvingen uit LAP3 zijn herzien en omgezet in afvalplannen per materiaalstroom. De minimumstandaarden blijven een centraal instrument, maar worden sterker gekoppeld aan de R-ladder en de vraag: kan deze stroom hogerwaardig worden verwerkt?
- Sterkere focus op materiaalbehoud en circulariteit
- Minimumstandaarden gekoppeld aan hoogwaardige verwerking
- Afvalplannen per materiaalstroom in plaats van de oude sectorplannen
- Expliciete aandacht voor ZZS en overige zorgstoffen
Minimumstandaard: de ondergrens voor verwerking
Per afvalstroom legt het CMP een minimumstandaard vast: de verwerkingswijze waaraan een vergunninghouder minimaal moet voldoen. Een vergunning mag niet onder deze standaard worden verleend. De standaard voorkomt dat waardevolle grondstoffen onnodig worden verbrand of gestort.
Voor gevaarlijk afval geldt daarbij altijd: veiligheid en milieubescherming gaan voorop. Als een hogere verwerkingsroute technisch niet verantwoord is of meer risico's oplevert dan verwijdering, mag een lagere stap op de afvalhiërarchie worden gekozen, mits dit goed wordt onderbouwd.
ZZS en overige zorgstoffen in het CMP
Een belangrijke nieuwe nadruk in het CMP ligt op Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) en overige zorgstoffen. ZZS zijn stoffen met ernstige eigenschappen, zoals kankerverwekkend, giftig voor de voortplanting of sterk biologisch accumulerend. Ze komen veel voor in producten en daarmee ook in afval.
Het CMP stelt dat bij de verwerking van afval naar nieuwe grondstoffen of producten onaanvaardelijke blootstelling aan ZZS zoveel mogelijk moet worden voorkomen. Dat betekent dat niet elke stroom zomaar geschikt is voor recycling of hergebruik; soms is verwijdering of gespecialiseerde reiniging noodzakelijk.
Voor het in kaart brengen van ZZS in afvalstoffen kan de ZZS in afval Zoeker van het RIVM worden gebruikt. Deze geeft per afvalstof aan welke ZZS relevant kunnen zijn en welke beperkingen dat oplegt voor verwerking.
- ZZS = Zeer Zorgwekkende Stoffen (onder meer REACH artikel 57)
- ZZS beperken hergebruik en recycling als blootstelling niet acceptabel is
- Het CMP legt per stroom vast hoe ZZS worden beheerst
- Gebruik de RIVM ZZS in afval Zoeker als ondersteuning bij de beoordeling
Wat betekent het CMP voor uw bedrijf?
Als ontdoener of verwerker van gevaarlijk afval heeft u te maken met het CMP via vergunningen, meldingen en contracten met inzamelaars. Controleer of uw huidige verwerkingsroute nog voldoet aan de minimumstandaard en of ZZS in uw afvalstroom zijn meegenomen in de beoordeling.
Neem bij twijfel contact op met een gespecialiseerde inzamelaar of milieudeskundige. Zij kunnen helpen om per afvalstroom de juiste route, Euralcode en eventuele ZZS-beperkingen te bepalen.
- Controleer of uw vergunning of melding nog aansluit op het CMP
- Vraag uw inzamelaar naar de minimumstandaard en verwerkingsroute
- Breng ZZS en overige zorgstoffen in kaart voor stromen die worden gerecycled
- Leg beoordelingen en keuzes vast in uw afvalstoffendossier
Praktische hulp nodig?
Vraag via het contactformulier advies aan voor uw specifieke situatie.